Publicaties

Onderzoek effectiviteit beeldschermregelgeving in Nederland: hoge werkdruk belangrijke belemmering (Engelstalig met Nederlandse samenvatting), 2007, 185 p, ( 652kB)

"Werkwijzer RSI", STECR platform reïntegratie, 2007, 38 p, ( 878kB)
Met de Werkwijzer wil de kenniskring streven naar een snelle probleemanalyse met snel daaropvolgende multidisciplinaire interventies binnen een afgebakend tijdpad om de herstelkans te verhogen en de schadelast te beperken.

"Een worsteling met de muis", Koenders, Dijkstra, Bouwman-Brouwer, Konijnenberg, 2006, 5 p, ( 87kB)
"Met name werkstress (herstelbehoefte na het werk) blijkt sterk samen te hangen met het vóórkomen van RSI-klachten in het Bankwezen"

Platform Arbeidsrisico's over RSI-ontwikkelingen, FNV Arbobondgenoten, 2006 ( 33kB)
RSI is géén voorbijgaand modeverschijnsel.

Hoge Raad moeizaam over RSI
Uitspraak van de Hoge Raad in het geschil tussen voormalig werknemer en werkgever over aansprakelijkheid uit hoofde van art. 7:658 BW voor arbeidsongeschiktheid van de werknemer als gevolg van gezondheidsklachten aangeduid als ‘Repetitive Strain Injury’ (RSI) (81 RO).

"Gezondheidsschade en kosten als gevolg van RSI en PSA in Nederland", TNO
Kwaliteit van Leven, 2005, 90 p, ( 641kB)

De gezondheidsschade en kosten van arm-, nek en schouderklachten (RSI) en van de gevolgen van psychosociale arbeidsbelasting (PSA). In opdracht van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid.

"RSI-maatregelen: preventie, behandeling en reïntegratie" onderzoek naar effectiviteit RSI-maatregelen, TNO Arbeid, 2004, 134 p, (rapport  533kB / samenvatting  33kB)
Om RSI te voorkomen of aan te pakken, moeten werkgevers, werknemers en behandelaars weten welke aanpak effectief is. De Gezondheidsraad concludeerde in 2000 dat wetenschappelijke onderbouwing van de effectiviteit van preventieve, curatieve en reïntegratiemaatregelen voor RSI grotendeels ontbreekt. Naar aanleiding daarvan hebben de ministeries van SZW en VWS besloten een programmeringstudie RSI uit te laten voeren. Doel is prioriteiten stellen in toekomstig onderzoek naar de effectiviteit van preventieve, curatieve en reïntegratiemaatregelen voor RSI.

"Maak werk van RSI", prof. Bongers (VU), 2003 ( 101kB)
RSI is te voorkomen, door vermindering van de belangrijkste risicofactoren, te weten kracht en frequentie bij werk met repeterende armbewegingen, en vermindering van de aaneengesloten duur bij beeldschermwerk. Pauzes voor herstel lijken daarbij nog belangrijker dan terugdringen van de duur. Stress kan het effect van pauzes teniet doen. In deze publicatie vallen zowel specifieke aandoeningen als aspecifieke klachten van arm, nek en schouder onder RSI, recentelijk ook wel aangeduid als klachten van ANS (arm, nek en schouder).

"Aan het werkt met RSI", FNV, 32 p, ( 251kB)
Basisinformatie over RSI en praktische achtergrondinformatie in het geval er sprake is van uitval door RSI. De uitgave gaat eveneens in op te nemen maatregelen bij werken bij RSI-klachten. Ten slotte veel tips op het terrein van reïntegratie. De bijlagen bevat een RSI-test en oefeningen voor thuis en op de werkplek. 'Aan het werk met RSI' is een handige uitgave waarbij praktische informatie en vragen rondom werken met RSI duidelijk op een rijtje zijn gezet.

"Duur van het computergebruik in het bankwezen: Tikken, Klikken en Kijken", TNO, 2003, 46 p, ( 352kB)
Een rapportage van TNO over de duur van het computergebruik in het bankwezen. Aanleiding is het arboconvenant Bankwezen (2001), met afspraken over de preventie van RSI en werkdruk. Het convenant vermeldt dat dagelijks per persoon niet meer dan 5 uur beeldschermwerk mag worden verricht. Het resultaat is dat gemiddeld 4 uur en 13 minuten per dag met de computer gewerkt wordt. Aangegeven wordt echter dat deze cijfers slechts een indicatie zijn, en dus niet representatief, omdat niet alle functies in het bankwezen vertegenwoordigd zijn in dit onderzoek.

"Maatregelen RSI bij beeldschermwerk", Min SZW, 2001( 624kB)
Deze catalogus biedt een overzicht van alle effectieve maatregelen die tot op heden bekend zijn. In opdracht van het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid.

"Repetitive Strain Injuries reviewed", Arbeidsinspectie, 2001 ( 139kB)
Rapportage naar het vóórkomen van RSI-gerelateerde klachten
als gevolg van het verrichten van beeldschermwerk.

De omvang van verzuim en arbeidsongeschiktheid door RSI, TNO Arbeid, 2001, 58p, ( 410kB)
In dit rapport wordt de omvang van verzuim en arbeidsongeschiktheid door RSI
geschat op basis van beschikbare gegevens en worden groepen geïdentificeerd
waarin een relatief hoog verzuim of arbeidsongeschiktheid door RSI bestaat.

"Werken met beeldschermen", Ministerie van SZW ( 173kB)

"RSI", Gezondheidsraad, 2000 ( 179kB)
Het rapport van de commissie RSI van de Gezondheidsraad is opgesteld in opdracht van het ministerie van SZW. Het rapport meldt dat de stand van wetenschap met betrekking tot de oorzaken, preventie en behandeling van het complex van klachten en stoornissen nog grote hiaten vertoont. De wetenschappelijke basis voor concrete aanbevelingen met betrekking tot preventie en behandeling van RSI is hierdoor beperkt. Aangegeven wordt op welke terreinen nader onderzoek nodig is. De commissie heeft een eenduidige formulering opgesteld van het begrip RSI.

Het Saltsa-rapport: Richtlijnen voor de vaststelling van de arbeidsrelatie
van Aandoeningen aan het Bewegingsapparaat..., Coronel; TNO; e.a. 2000, 93 p, ( 2128 kB)

Dit Europese project is uitgevoerd door het Coronel Instituut voor Arbeid, Milieu en Gezondheid, Academisch Medisch Centrum / Universiteit van Amsterdam. Het project werd deels gefinancierd door SALTSA, Solna, Zweden. Het rapport beschrijft elf specifieke aandoeningen en klachtensyndromen die onder de noemer RSI vallen. Men spreekt echter liever over aandoeningen aan het bewegingsapparaat in de bovenste extremiteit (ABBE’s). Verder bevat het rapport richtlijnen hoe om te gaan met aspecifieke RSI-klachten. Er wordt een gebruiksaanwijzing gegeven voor de hantering van de criteria, welke gebruikt kunnen worden voor het vaststellen van de aanwezigheid en werkgerelateerdheid van de ABBE’s of aspecifieke RSI. Het rapport is bedoeld voor bedrijfsartsen, en kan uiteraard ook gebruikt worden door andere (para)medici.